Google Endoplaza

Reinigen en vormgeven van de kanalen


Details per element


11 en 21


Denk erom dat er zelden of nooit in een frontelement naar palatinaal wordt geperforeerd. Wel wordt regelmatig geperforeerd naar buccaal. Zeker als er een wortelstift dient te worden geplaatst. Wanneer een kanaal niet te vinden is dient verder naar palatinaal te worden gezocht.


Gates Glidden drills kunnen het grootste deel van het kanaal goed reinigen. Om verkleuringen in de toekomst te voorkomen dient apart aandacht te worden besteed aan het incisale deel waar de pulpahoorns zich bevinden. De gehele pulpakamer moet perfect schoon zijn. Een half uur (verwarmde) hypochloriet in de pulpakamer heeft een blekend effect op de tand.


12 en 22


De laterale incisieven hebben vaak een ovaal kanaal (met de OPMI goed te zien). Het ovale gedeelte loopt door tot zeer dicht bij de apex. Het is verstandig om iets ruimer te vijlen dan op basis van het vastlopen van de eerste vijl normaal zou lijken. Ook kunnen met Gates boren of de SX van Protaper de ovale gedeelten tot aan het apicale derde deel worden gereinigd. Op de laterale incisief wordt vaker dan gemiddeld een apexresectie gedaan! Als gevijld wordt met vijlen< groter dan 25, is het verstandig om NiTi-vijlen (zowel and- als Rotary vijlen) te gebruiken. Dit omdat er bij de apex regelmatig een behoorlijke kromming in de wortel zit. Zo wordt voorkomen dat er door een stugge vijl een eigen kanaal wordt gemaakt (ledge).


13 en 23


De hoektanden zijn in het coronaire deel van de radix ook ovaal. Zij dienen op dezelfde wijze als de laterale incisieven te worden gereinigd.


14 en 24


De eerste premolaren hebben standaard 2 kanalen. Soms zelfs 3. Dan zitten de beide buccale kanalen meer naar distaal en mesiaal. Let op de buccale contour van het element als het buccale kanaal niet op de te verwachten plaats zit. Deze is in geval van 3 kanalen minder rond dan gewoonlijk. Niet met te grote vijlen tot de apex vijlen omdat de radices soms erg dun zijn.


15 en 25


Meestal zit er maar 1 kanaal in. Door de zeer langwerpige kanaalingang van buccaal naar palatinaal lijkt het vaak dat het 2 kanalen zijn. Toch blijft er bij goed reinigen en vormgeven vaak maar 1 kanaal over. De Gates, SX-vijl of een vijl in het Endo-Eze hoekstuk zijn geschikt om het volledige kanaalstelsel te reinigen.


16 en 26


Standaard hebben deze elementen 3 wortels en 4 kanalen. Het MB2 kanaal wordt vaak over het hoofd gezien. Met de OPMI is de kanaalingang te vinden. Methyleenblauw kleurt de ingang en maakt hem zichtbaar. Ook toegankelijkheid en doorgankelijkheid is standaard te bereiken. Als de vijl niet verder dan 2 a 3 mm in het kanaal wil dient de dentinewand naar mesiaal verder te worden verwijderd.

De LN-boren van Dentsply/Maillefer zijn hier zeer geschikt voor. Op basis van kleine kleurverschillen en wit slijpsel in het kanaal kan dan vervolgens enkele millimeters de diepte in worden geboord. Nu is vrijwel altijd met een vijl 0.6 of 0.8 doorgankelijkheid te bereiken. Glyde vergemakkelijkt de doorgankelijkheid. Omdat de mesiobuccale radix vaak een complex kanaalsysteem heeft dient met Rotary-files voorzichtig te worden gemanipuleerd. De vijl kan vastlopen in een ovaal gedeelte of apicaal is er een sterke kromming van MB1 naar MB2 die op de X-foto vrijwel niet te zien is. Regelmatig zijn MB1 en MB2 apicaal met elkaar verbonden. Dat is goed te zien als er hypochloriet in de beide kanalen staat en één van de kanalen met de naald van de spuit waarmee men spoelt wordt leeggezogen. Als het andere kanaal dan ook leeg wordt is er dus contact.

Rotary-files breken het vaakst in de mesiobuccale kanalen van de bovenmolaren of in de mesiale kanalen van de ondermolaren! Ook het distobuccale kanaal heeft soms 2 kanalen of is erg ovaal. Bij de palatinale radix dient men er rekening mee te houden dat er vaak een kromming naar buccaal is. Als er dan te fors wordt gevijld en vervolgens soms ook nog een wortelstift wordt geplaatst, kan er een stripperforatie ontstaan. Ook hier moeten de vijlen weer vrijwel spanningsloos recht in de kanalen staan. De pulpakamer moet daarom soms verder worden geopend dan op basis van het vinden van de kanalen nodig lijkt.


17 en 27


De problematiek is vrijwel dezelfde als bij de 16 en 26. Alleen liggen de kanalen dichter bij elkaar en meer op één lijn (MB2 ligt meer richting palatinaal). Het percentage elementen met een vierde kanaal ligt hier wat lager dan bij de 16 en 26.


32, 31, 41 en 42


Deze elementen hebben regelmatig 2 kanalen of een sterk ovaal kanaal. Als er een kanaal gemist wordt is dat vrijwel altijd het linguale kanaal. Bij het openen dient het 2e kanaal gezocht te worden tot men er zeker van is dat deze niet aanwezig is. De OPMI is wederom een fantastisch hulpmiddel om de kanalen te vinden. Niet met te dikke vijlenwerken en oppassen wanneer gevuld wordt met laterale condensatie. Te veel druk in de kanalen leidt bij dergelijke dunne wortels gemakkelijk tot een verticale fractuur.


33 en 43


Het coronaire deel van het kanaal is vaak ovaal. Met Gates borenSX-vijlen (Protaper), Ultrasone vijlen of het hoekstuk van Endo-Eze met bijbehorende vijlen kunnen de ovale gedeelten worden gereinigd.


44, 45, 34 en 35


Vrijwel altijd is er sprake van ovale kanalen in bucco-linguale richting welke daarom moeilijk op een X-foto te zien zijn. Soms lijkt het kanaal op 4 a 6 mm vanaf de apex dicht te zitten. Ook op de X-foto is dan geen kanaal te zien. Hier is vaak sprake van een splitsing in meerdere kanalen. Als het coronaire deel goed gereinigd is, valt met de OPMI te zien of er een splitsing aanwezig is en in welke richting de kanalen lopen. Als tussentijds CA(OH)2 is ingesloten lichten de gesplitste kanaalingangen heel mooi op. Ook bij het vullen van dergelijke kanalen is een OPMI onontbeerlijk (zie X-foto).


46 en 36


Hebben vrijwel standaard 2 wortels waarbij mesiaal altijd 2 kanalen zitten en de distale wortel vaak één groot ovaal kanaal heeft. De 2 mesiale kanalen hebben apicaal regelmatig contact (bij het leegzuigen van het ene kanaal gaat ook het andere kanaal leeg). Wees voorzichtig met Rotary-files in de mesiale kanalen. De soms zeer sterke bucco-linguale kromming apicaal is op de tandfilm vrijwel nooit te zien. Ook het collaterale systeem tussen MB en ML grijpt gemakkelijk een punt van een Rotary-file. Voor het verwijderen van afgebroken instrumenten, klik hier.

Zorg dat in de pulpakamer naar mesiaal voldoende dentine wordt afgenomen, anders is bij fors vijlen een stripperforatie naar de furcatie toe niet denkbeeldig. Een Gates nr.4 moet in de mesiale kanalen dan ook niet gebruikt worden.

In de pulpakamer zit er tussen de beide mesiale kanalen vaak nog een 2 a 3 mm diepe groef die opengemaakt dient te worden om het aanwezige debris goed te kunnen verwijderen (de LN-boren (0.8, 0.10, 0.12) zijn daar zeer geschikt voor). In de mesiale kromme kanalen dient voorzichtig met ultrasone apparatuur te worden omgegaan, anders ontstaat er zeer snel een step aan mesiale zijde die vervolgens weer moeilijk te verwijderen is.


47 en 37


Veel van de argumenten bij de 46 en 36 gelden hier ook. Als lastige bijkomstigheid is hier met enige regelmaat sprake van een C-shaped systeem. Eigenlijk zit er dan één kanaal. Alhoewel je er met hetzelfde gemak 4 kanalen van kunt maken. Om het kanalen systeem goed te reinigen is een OPMI onontbeerlijk. Duidelijk is dan in de diepte het complexe kanalensysteem te zien. Allerlei hulpmiddelen zoals SX-vijlen (Protaper), Ultrasone vijlen, Endo-Eze vijlen, Gates boren en handvijlen moeten hier voor een goed eindresultaat zorgen. Rotary vijlen zijn hier wat gevaarlijker omdat ze gemakkelijk vastlopen in een nisje in de diepte. De endomotoren die een reverse systeem hebben kunnen meehelpen om een aantal breuken te voorkomen. Toch willen vijlen ook breken!


Van deze pagina kunt u de volgende producten bestellen in onze catalogus


  • Behandelmicroscoop
  • Gates Glidden Drills
  • Handvijlen
  • LN-boren
  • Rotary-files
  • Ultrasone vijlen (EMS)
  • Vijlen

©2005 Endoplaza.nl  |  Deze pagina kunt u het best bekijken bij een resolutie van tenminste 1024 bij 768 pixels  |  Laatst bijgewerkt op 21 november 2006